Oegstgeest terug in Schipholoverleg

Met de verkiezing van Matt Poelmans in het College van Advies van de Omgevingsraad Schiphol (ORS) is Oegstgeest weer terug in het Schipholoverleg. Eerder was hij namelijk bewonerslid in de Commissie Regionaal Overleg Schiphol (CROS) voor de Leidse Regio/Duin-Bollenstreek.  In de ORS wacht de zware taak voor de bewonersleden om de overeengekomen selectieve ontwikkeling van de luchthaven te bewaken. De 10 clustervertegenwoordigers van de Omgevingsraad Schiphol hebben op 15 januari jl. uit hun midden 3 leden voor het College van Advies gekozen. Dit zijn Matt Poelmans, Klaas Bijlsma en Eef Haverkort. De heer Poelmans is woonachtig in Oegstgeest en is afgevaardigd door cluster Kaagbaan. Voorafgaand aan deze verkiezing had het kiescollege van deze cluster unaniem ingestemd met een rolwisseling waarbij hij de functie van clustervertegenwoordiger overneemt van de eerder gekozen Rob Loekenbach, die nu zijn plaatsvervanger wordt. Het College van Advies is een adviesorgaan voor de bewindslieden van het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Het vormt samen met het Regioforum de Omgevingsraad Schiphol (ORS). Sinds 1 januari 2015 is de ORS het podium waar alle vraagstukken, belangen en partijen rond de ontwikkeling van Schiphol en omgeving bij elkaar komen. Betrokken partijen zijn overheden, de luchtvaartsector, bewoners en branche organisaties. De Omgevingsraad is de opvolger van de huidige Alderstafel Schiphol en de Commissie Regionaal Overleg luchthaven Schiphol (CROS). Dat bewaking van het in 2008 gesloten Aldersakkoord niet eenvoudig is, blijkt uit de actuele discussie over de door Schiphol gewenste versoepeling van de normen voor het baangebruik. Daardoor komt de beloofde hinderbeperking in gevaar. Speerpunten zijn dan ook het handhaven van het maximum aantal starts en landingen, minder nachtvluchten, meten van...

Open discussie gewenst over taak, samenstelling en werkwijze (bewonersgeleding) ORS

Taak De Omgevingsraad Schiphol (ORS) heeft als doel de ontwikkeling van Schiphol in te bedden in de omgeving. Daaruit volgt een tweeledige taak: draagvlak verwerven en belangenbehartiging ondersteunen. Hoewel dat twee kanten van eenzelfde medaille zijn, hoeven deze taken niet per se samen te vallen. De eerste vraagt een managementaanpak met top down benadering, de tweede een participatieaanpak met bottom up benadering. De top down benadering legt de nadruk op sturing en eenheid, de bottom up benadering legt de nadruk op openheid en variëteit. Om succesvol te zijn moeten organisatieperspectief en burgerperspectief onderling worden verbonden. De vraag is of opzet en inrichting van de ORS daarin voorziet. Cluster ZuidWest heeft twijfels en bepleit een open discussie over samenstelling en werkwijze van de bewonersgeleding in de ORS. Samenstelling Bijzonder is dat bewoners een eigen vertegenwoordiging hebben in de CROS en de Alderstafel en dat in de ORS deze wordt voortgezet. De bewonersgeleding ORS is evenwel opgezet als een traditionele vorm van burgerparticipatie, met het accent op legitimiteit en consensus. Dat leidt tot een omslachtige ‘verkiezingsprocedure’. Bewonersgroepen die aan bepaalde eisen voldoen kunnen zich registreren, maar de vertegenwoordigers worden in feite via coöptatie aangewezen. Het Clustervertegenwoordigers-overleg i.o. moet allerlei lastige beslissingen nemen: of kandidaten voldoen aan het profiel, wie een cluster vertegenwoordigt indien er niet voldoende achterbanorganisaties zijn, hoe meerderheden worden bepaald met zeer diverse organisaties, etc. Kandidaat-clustervertegenwoordigers moeten voldoen aan een overdreven profiel dat niet in verhouding staat tot de invloed van de functie, zich houden aan een gedragscode die hen monddood maakt en enkele reglementen ondertekenen die gericht zijn op disciplinering. Het gevaar is niet denkbeeldig dat weinigen zich...